Animisme en Pantheïsme

Animisme (Latijn anima = ‘geest’, ‘ziel’) is het filosofisch, religieus of spiritueel concept waarbij zielen of geesten niet alleen existeren in mensen en dieren, maar ook in planten, stenen of natuurlijke en geografische fenomenen zoals donder, bergen en rivieren. Het Pantheïsme (Grieks: pan = alles; theos = God) is een levensovertuiging die ervan uitgaat dat alles (en iedereen) goddelijk is. Er is geen grens tussen het goddelijke en het natuurlijke. In plaats van transcendentie te bezitten – los van alles – bevindt god zich in alles (alles in al). Volgens het pantheïsme kan men een god niet persoonlijk indenken. Elk object is in wezen goddelijk. (Wikipedia).

Het leven is een vorm van intelligentie of bewustzijn dat alles doordringt. Een animistisch-pantheïstisch wereldbeeld omhelst een visie waarin bezieling, bewustzijn of het Goddelijke aanschouwd wordt als van toepassing op een levend netwerk waar de mens slechts een deel van uitmaakt. Dit bewustzijn is aanwezig in het geheel, de fauna en flora en natuurlijke fenomenen. Ook abstracte begrippen zoals liefde, namen, metaforen en archetypisch-mythische begrippen kunnen als bezield of Goddelijk aanschouwd worden.

Zintuiglijk bewustzijn.

Animistisch-pantheïstische visies vind je allereerst terug binnen traditionele inheemse culturen waar mensen dicht bij de natuur leven. Hun wereldbeeld heeft uiteraard een compleet andere inhoud, gebaseerd op hun ervaringen. Als wij het over zintuigen hebben dan beperken we ons meestel tot vijf zintuigen terwijl een animistische sensitiviteit eerder vertrekt vanuit een zintuiglijkheid dat veel breder en gesofisticeerder is. Prof. Michael J. Cohen onderzocht dit zintuiglijk systeem en onderscheidde maar liefst 53 natuurlijke zintuigen en gevoeligheden die we in relatie tot de natuur kunnen ervaren. Zo is bijvoorbeeld het dorstgevoel gelinkt aan water. Traditionele volkeren kunnen via deze zintuiglijke gevoeligheid bronnen van water opsporen, zelfs in droge gebieden als de outback van Australië. Dit gegeven kan niet enkel gereduceerd worden tot een mechanisch-fysieke oorsprong maar komt net tot stand doordat de natuur een intelligentie is waarmee je communiceert. Dit noemen traditionele volkeren in hun taal bezieling.

Leven binnen de cirkel van de natuur.

Westerse humane wetenschappen hebben ‘primitieve volkeren’ vaak afgeschildert als niet-intelligent omwille van hun levenswijze, handelingen, riten en magisch-mythisch wereldbeeld. Ze vereren de natuur en hun goden vanuit een soort van angst of om de hogere natuurkrachten goed te stemmen. Tribale culturen worden op deze wijze voorgestelt als bijgelovig en de hedendaagse mens als logisch. Het probleem is dat mensen vanuit een hedendaags geürbaniseerd-industrieel-wetenschappelijk wereldbeeld met andere ogen kijken naar de wereld. Als je dagelijks in en met de natuur, de dieren, rivieren, bomen, planten om je heen leeft, geeft dat een ander beeld. Jezelf voorzien in je levensonderhoud betekent letterlijker leven van wat de natuur je geeft. Het spiritueel-relieus leven zal dan automatisch verankert zijn in een fysiek-natuurlijk-zielsmatig gegeven.

De natuur als spiegel

Wat voor ons psycho-somatisch is, namelijk psychische inhouden die zich fysiek uiten, heeft voor tribale volkeren een heel andere betekenis. Zij splitsen de realiteit om te beginnen al niet op in psychisch, fysiek, ziel, natuur, … voor hun is dat één geheel. Jezelf vereenzelvigen met de geest van een roofdier is niet zo vreemd want dit dier bevat letterlijk de kracht van een goede jachtkunst. Imiteren wij mensen onze idolen dan niet om te worden wie we willen zijn? Rituelen waar de krachten van de natuur geëert en bedankt worden, waar men om een gunst vraagt vanuit een diep respect en loyaliteit, is niet zo vreemd als je bedenkt dat zij zichzelf als een deel van het geheel beschouwen, niet hoger of lager dan het andere. Het bewaren van het evenwicht in dit netwerk is voor hun van cruciaal belang. Dit is niet zomaar een visie gebaseerd op angst, onwetendheid of bijgeloof, het is een verantwoordelijke ethische houding tegenover hun natuurlijke leefwereld.

De zovele hedendaagse uitingsvormen van kunst en literatuur bevatten veel vergelijkbare facetten, alleen valt dit niet onder exacte wetenschappen en is vanuit dat standpunt daarom minder gelinkt aan objectieve waarheid. Een opsplitsing in subcategorieën is echter typerend voor een wetenschappelijk reductionistische visie, dit is geheel onbekend binnen tribale culturen. Het animistisch éénheidsgevoel wordt tegenwoordig vaak als een symbiose vanuit een magisch-mythische evolutiefase aanschouwd. Deze denkpiste, gangbaar binnen sommige filosofisch, wetenschappelijke of spirituele middens, berust echter op een hypothese, niet op een waarheid.

Traditionele therapie.

Traditionele therapie of genezing vertrekt vanuit een animistisch-pantheïstische hoogsensitiviteit waarbij men veel aandacht schenkt in het herstellen van evenwicht tussen individu, groep en natuurlijke leefwereld. Sjamaanse praktijken aanschouwen het concept ziel vanuit een holistische visie. De ziel wordt in deze aanschouwd als bestaande uit deelgehelen. Sommige delen ervan zijn verbonden aan het fysieke lichaam, andere aan het emotineel leven, de stam, de voorouders, de natuur, aan bepaalde dieren, planten, natuurfenomenen, … Ziekte wordt aanschouwd als een onbalans, hetzij door het verlies van kracht (een verstoring in het zielscontact) of door aanvallen van buitenaf. Binnen traditionele genezingspraktijken kan de sjamaan (of een ander traditioneel genezer) de methode van trance-inductie, rituelen, gebed, … aanwenden om zich af stemmen op verscheidene golflengtes van de realiteit. Dit met als doelstelling het herstel van kracht en evenwicht. Voor de logische mens kan dit als charlatannerie overkomen, bij inheemse culturen is het een normaal gegeven. Bij genezingsrituelen wordt vaak heel de gemeenschap betrokken aangezien het iedereen betreft als één geheel. Je richten tot het collectief zielsbewustzijn ter bevordering van herstel is in hun ogen even normaal als een psychotherapeutische behandeling in onze cultuur.

Buddha-Darma.

Het Animistisch en vooral Pantheïstisch wereldbeeld beperkt zich niet tot tribale culturen maar blijft bewaard binnen de basisideologie en leefwijze van bijvoorbeeld het oorspronkelijk Boeddhisme. Ook de mystieke strekkingen binnen de Grote Religies als de Kabbala, het Sufisme en de Christelijke Mystiek, bevatten pantheïstische concepten. Het goddelijke wordt aanschouwd als inherent aanwezig in het leven op aarde.

Het Boeddhisme schenkt veel aandacht aan het leven als een groot netwerk. De kernvisie van de ‘Buddha-Dharma’, die de basis vormt van haar psychologie en ethiek, is de ‘wederzijds afhankelijke co-existentie’. Alles wat bestaat binnen ‘het wiel van dharma of verandering’ is onderhevig aan transitie, wederzijdse afhankelijkheid en verbondenheid. Het zelforganiserende karakter van het universum als bewustzijn, verbindt alles aan elkaar. Dit uit zich binnen de leer van het Boeddhisme in een vorm van respect en wederzijdse verantwoordelijkheid tegenover al wat leeft.