Artikel Work that Reconnects
Ecologie vanuit de diepte.
Ecologie is een begrip dat tegenwoordig meer ingeburgerd is geraakt binnen onze mainstream cultuur. Transitie-initiatieven, permacultuur, ecologische technologieën, energiebesparende methoden, acties om het milieu te beschermen, … vormen alternatieven voor een duurzamer leven op aarde. Tegelijk merken we dat het oud paradigma van een industriële groeimaatschappij waarin economie, kapitalisme en de consumerende cultuur hoogtij vieren, begint te wankelen.
Binnen veel spirituele kringen spreekt men over grote veranderingen vanaf 2012, zoals voorspeld via verscheidene bronnen. In hoeverre dit klopt, laat ik liever open. Wat we wél kunnen zien is dat het tijd is voor een mentaliteitsverschuiving binnen ons cultureel discours. Hiervoor is het nodig dat we achterom durven kijken naar wat we tot hiertoe creëerden en wat dit met ons doet. Het durven uiten van onze bezorgdheid hieromtrent geeft het een gepaste plek. Tegelijk dienen er alternatieve visies, gestoeld op wetenschappelijke en wereldbeschouwelijke visies, naar voor geschoven te worden ter bevordering van herstel en groei. Dit gebeurt allemaal niet vanzelf maar wel doordat mensen beseffen dat ze een uniek en zeer belangrijke rol spelen in dit verhaal.
De Noorse eco-filosoof Arne Naes introduceerde de term ‘Deep Ecology’ vanuit het inzicht dat er en verschil bestaat tussen ‘oppervlakte ecologie’ en ‘diepte ecologie’. Ecologische innovaties, eco-taxen, aktie- en lobbywerk behoren tot de oppervlaktelaag. Een diepere laag spreekt tot ons via een ‘breder Veld’ dat de mens, het ecosysteem en het universele met elkaar verbindt. Het ‘Ecologische Zelf’ is een zelf in gezonde interactie met het ecosysteem en resulteert in een AardeBewustZijn. Zelfrealisatie vanuit onze ‘Ecologische Zijnsgrond’ resulteert in het realiseren van een nieuwe duurzame levenswijze doordat er een informatie uitwisseling plaatsvindt tussen het persoonlijke, aardse en universele. Om dit te bewerkstelligen bestaan er eenvoudige methoden die iedereen kan aanleren.
Work that Reconnects (WTR).
Eco-filosoof, systeemdeskundige, activiste, geëngageerd Boeddhiste Joanna Macy phD. is de grondlegster van ‘The Work that Reconnects of Het Werk dat Herverbindt’. Vanaf de jaren ’70 organiseert ze wereldwijd groepssettings ter bevordering van herstel van een sociaal-ecologisch systeem in ‘runaway’ naar een duurzamere beschaving. Haar model stoelt zowel op hedendaagse wetenschappelijke bevindingen als op visies uit traditionele wijsheidsculturen. Belangrijke termen binnen dit werk zijn ‘Grief’ (het uiten van emoties of bezorgdheid) en ‘Empowerment’ (bekrachtiging) als brug naar het concept ‘The Great Turning’ of ‘De Grote Ommekeer’.
We leven momenteel in een crisissituatie op sociaal-economisch-ecologisch vlak met alle uitingsvormen ervan die op ons afkomen. Hoe kunnen wij als mens vanuit onze gemeenschap een alternatief creëren als antwoord hierop? De Grote Ommekeer is een metafoor voor deze bewogen tijden waarbij een crisis op persoonlijk en mondiaal niveau aanschouwd wordt als een mogelijkheid tot transitie. Binnen onze mondiale historiek kenden we meerdere (r)evolutionaire omwentelingen zoals de landbouwrevolutie en de industriële revolutie. Beiden brachten innovatieve veranderingen teweeg die een positieve bijdrage leverden aan ons welzijn en welvaart. Tegelijk splitsten we ons af van onze natuurlijke zijnsgrond waardoor economische, industriële belangen belangrijker werden dan sociaal-ecologische belangen. De hedendaagse crisis vraagt naar een multidisciplinaire aanpak die niet enkel technologisch is van aard maar ook een mentaliteitsverschuiving vereist in ons denken, handelen en ervaren.
De vier hoofdcategorieën van WTR.
De centrale doelstelling van WTR is om mensen te helpen ontdekken en te laten ervaren wat het betekent om je verbonden te voelen met elkaar en met de systemische, zelfregulerende krachten van het levensweb. Dit met als doelstelling dat er vanuit een diepe beleving een motivatie ontstaat om deel te nemen aan het creëren van een duurzame beschaving. Om dit te bewerkstelligen vertrekt de methode vanuit het zogenaamd spiraalmodel waarin de vier hoofdcomponenten op elkaar inspelen.
• Coming from Gratidude of het samenkomen vanuit dankbaarheid.
Dankbaarheid voelen voor het feit dat we deel uitmaken van een wonderbaarlijk levend netwerk of open systeem vormt een belangrijk uitgangspunt voor al het verdere groepswerk.
• Honoring the pain of the world of het eren van de pijn in de wereld.
Groepsleden ervaren, uiten en onderzoeken hetgeen we in onze doorsnee maatschappij meestal negeren: Onze innerlijke reacties op sociaal-ecologische thema’s in onze wereld. Methoden voor ‘Grief Work’ gaan van simpele oefeningen tot rituele vormgevingen waarin uiting gegeven kan worden aan intense emoties, gedachten, …
• Seeing with new eyes of het zien met nieuwe ogen.
In dit gedeelte leer je te beseffen dat, het empathisch vermogen om te voelen en te ervaren wat er aan de hand is op mondiaal niveau, of meer metaforisch gesteld, de pijn van de aarde, het bewijs vormt voor het feit dat we wederzijds verbonden zijn met het levend netwerk. Hier vormen nieuwe paradigma’s in ons denken, voelen en handelen een belangrijk onderdeel.
• Going forth of Vooruit gaan.
Als afsluiting van het werk bereiden de deelnemers zich voor op hoe ze hun opgedane inzichten en motivaties kunnen omzetten in hun dagelijks leven, binnen hun gemeenschap. Er wordt bekeken welke rol ieder van hen kan hebben binnen het breder perspectief van ‘De Grote Ommekeer’. Je leert je persoonlijk doel af te stemmen op het gemeenschappelijk doel.
Work That Reconnects nodigt mensen uit om het persoonlijk verhaal niet als afgesplitst te zien van wat er zich op mondiaal niveau afspeelt. Ieder van ons draagt zowel de crisis maar ook de mogelijkheid tot transitie in zich. Het is bewezen dat wanneer je in groep aandacht geeft aan dit gegeven, transformatie op persoonlijk en maatschappelijk niveau veel sneller verloopt, dan als je enkel aandacht schenkt aan je persoonlijk verhaal. Het vraagt uiteraard een beetje engagement en moed maar het geeft uiteindelijk een diepe relationele verbinding met elkaar en de aarde als resultaat.
Dependent Co-Arising
De kernvisie van de ‘Buddha-Dharma’, die de basis vormt van de Boeddhistische psychologie en ethiek, is ‘wederzijds afhankelijke co-existentie’. Alles wat bestaat binnen ‘het wiel van Dharma of Verandering’ is onderhevig aan wederzijdse afhankelijkheid, verbondenheid en evolutie. Het zelforganiserende karakter van het universum als bewustzijn, verbindt alles aan elkaar. Dit uit zich binnen de leer van het Boeddhisme in een vorm van respect en wederzijdse verantwoordelijkheid tegenover al wat leeft.
Het onderscheid tussen de meer ascetische vormen van Boeddhisme en Geëngageerd Boeddhisme is gelegen in een verbinding die je aangaat met het bestaan in al haar aspecten i.p.v. het aards leven te aanschouwen als imperfect, als iets dat je dient te overstijgen. Het inzicht en de praktijken vervat in de leer van ‘wederzijds afhankelijke co-existentie’ helpen ons te bevrijden uit de afgesplitstheid van ego- en sociocentrisme, van hebzucht, jaloezie en de illusies die eruit voortkomen. De term geëngageerd boeddhisme verwijst naar de sociale toepassing van deze leer, het brengt ons tot een verantwoordelijke en veerkrachtige relatie met de wereld om ons heen. Geëngageerd impliceert dat je actief betrokken bent in het leven, dit zowel in de aspecten die te maken hebben met pijn en lijden als met verwondering, genot, gelukzaligheid, liefde en schoonheid. De Dalai Lama spreek in deze over een gevoel van ‘universele verantwoordelijkheid’, een gevoel dat opgewekt wordt door het ervaren van het lijden in de wereld.
Binnen de WTR methode gaan we er daarom van uit dat aandacht schenken aan onze historische erfenis in al haar facetten, een inzicht en gewaarwording teweeg brengt van pijn en lijden, iets dat onvermijdelijk is. Binnen psychotherapeutische context zien we dagelijks dat herstel en groei te maken heeft met het empathisch ‘durven blijven bij wat er is’ en het ‘gewaar zijn’ bij wat om aandacht en herstel vraagt. Tegelijk verwijst groei-gerichte en transpersoonlijke therapie naar het belang van positieve bejegening, het laten ontluiken van potentiële zijnscapaciteiten, de drang naar zelfactualisatie en het contact met het universele. Zowel een preoccupatie als een ontkenning van persoonlijk en mondiaal lijden staan groei in de weg. Binnen WTR zal de aandacht die uitgaat naar het ‘eren van de pijn in de wereld’ daarom steeds in contact staan met de andere drie componenten van het spiraalmodel waarbij nieuwe visies en diepgaande ervaringen een bijdrage leveren tot een duurzamere levenshouding. Een meersporenbeleid binnen ecotherapeutische context vraagt immers om een meervoudige partijdigheid tegenover het individu, familie, gemeenschap, collega’s, tot op intergenerationeel niveau. Verstrikkingen in het systeem beperken zich niet enkel tot de menselijke en culturele laag maar zijn ook ingebed in onze verhouding tot het ecosysteem. Work that Reconnects stemt al deze lagen op elkaar af door zich te begeven in wat we noemen ‘Deep Time’ waarin evolutie en zijn mekaar tegen komen.
David Jelinek © 2011
Workshop Work that Reconnects